Categorie archief: wildpuktuin

Kruidenspiraal 2

Begin dit jaar maakte we op een stukje gras een kruidenspiraal, een kleintje maar, van c.a. 2 meter doorsnede. In het eerste jaar was het even aankijken welke kruiden het hier super en welke het minder naar de zin hebben. Voor de bovenste laag hebben we op de aarde een laagje zand aangebracht voor extra goede afwatering en kalk. De meekrap, rozemarijn, tijm en marjolein groeien uitstekend in de bovenste gedeelte en zijn in goed in balans alhoewel de marjolein veel ruimte opeist maar haar bloei is uitbundig mooi.

De water minnende planten die ik onderaan de spiraal in een ton heb gezet zijn prachtig. De watermunt bloeit nu engelachtig en heeft mooie vertakkingen de moerasspirea was super mooi en de valeriaan in het voorjaar werd ruim een meter hoog. Omdat ik ook nog heel graag Heemst en Engelwortel erbij wil zetten gaat deze ton er in het najaar uit om plaats te maken voor een grotere.

In de midden gedeelten loop het uit de klauwen, het st janskruid hangt ver over. De dragon is meer dan een meter hoog en het zilverschoon woekert gewoon! Dus hier gaan de grote veranderingen plaats vinden, het zilverschoon gaat er uit en vind zijn weg verder in de tuin, zilverschoon is een aanrader voor de eetbare wilde plantentuin of moestuin, je kunt het van het voorjaar tot het najaar blijven plukken, de bladeren eet je zo, in de salade of door roerbak of omelet. Je kunt ze ook drogen en bewaren voor thee. Gebruik de thee medicinaal tegen ontstekingen in de mond of tegen diarree en maag en darm klachten. Wortels kun je zo eten of laten drogen voor een meel of pap.

De dragon gaat verhuizen naar een andere grote bak en zo krijgen de citroenverbena en de oregano meer ruimte en zon. Het bonenkruid mag nog een jaartje blijven staan kijken wat het doet en de zonnehoed mag zich uitbreiden.

kruidensiraal2

 

Bloementuin update

Het duurde lang voordat de eerste plantjes weer te voorschijn kwamen dit jaar en vooral lastig om ze te onderscheiden. Maar zoals dat gaat, zijn de bloemen de afgelopen maand omhoog geschoten door de zonnige dagen en nu met de regen zijn ze helemaal niet meer te stoppen. De vorig jaar geplante stekjes van de (wilde) akkermunt  valeriaan, smeerwortels en de citroenmelisse zijn aangeslagen en komen weer op.

Van de gezaaide bloemen zie ik nu ook veel terugkomen, zelfs van de eenjarig vanwege de zachte winter.  Maar wat ik het leuks vind zijn de wilde aan-waaiers! Ik zie roberstkruid, bremooievaarsbek, grote vogelmuur, kleine vogelmuur, ereprijs, rode klaver, dagkoekoesbloem! En ook boterbloemen, weegbree, mosterdherik, wikke en witte dovenetel, veldzuring, bijvoet en verschillende distels hebben uit zichzelf de weg naar de wilde bloementuin gevonden. En daar ben ik het meest trots op natuurlijk want even dacht ik het weer te moeten opnemen tegen een leger aan melde maar die heb ik nog niet in zulke grote aantallen gezien.

Melganzevoet is een prima kruidje op zicht, familie van de spinazie en heeft waardevolle stoffen waaronder ijzer, eiwit en vitamine en al sinds de oertijd eten mensen hem. De bladeren en stengels, rauw of roerbakken dezelfde bereidingswijze als spinazie er gezond. De zaden zijn ook eetbaar en werden vroeger door het meel of als meel voor brood en gebak gebruikt, drogen en dan fijnmalen. Maar goed een leger melde daar valt gewoon niet tegen op te eten bovendien zou het een indicatie voor de grond zijn waardoor je het beste de melde kunt uittrekken en dan in stukjes knippen en de boden laten bedenken.

2

 

 

De bloementuin als oerwoud?

Na de wintermaanden verschenen in maart alweer de eerste plukjes groen in de bloementuin. De wilde bloementuin die er niet meer uit zag als een bloementuin maar wel als heel wild! Niet bijzonder hoog als een oerwoud maar wel bijzonder wild in die zin van niet netjes. Daar heb ik dan ook wel de nodige commentaar op gehad, zo van: “nou jij hebt nog wat te doen”… of mensen vonden het op zijn minst maar een dorre boel. En dat was het ook wel natuurlijk want ja zo is de natuur nou eenmaal in de winter, in slaap. Wat overblijft zijn de afgestorven stengels van het vorig jaar, geraamtes van wat ooit mooie blije bloemen waren die gehavend en gedroogd de winter hebben doorstaan. En in plaats van de keurige onderhouden doorsnee (sier) tuintjes met hier en daar wintergroen is zo’n wilde tuin wel wennen ja. Maar als je uitlegt dat die dorre stengels nou eenmaal de natuur is die zijn gang gaat voor een reden dan krijgen mensen meer begrip.

De natuur weet namelijk zelf wat goed voor haar is en als zij die stengels zo lang mogelijk wilt laten staan, dan geloof mij maar, is dat het beste voor haar. Het is namelijk bescherming voor de grond zelf tegen weersomstandigheden. Het is voor de dieren die nog wat bescherming en voedsel er onder kunnen vinden en het is de overwinter plaats van vele insecten waaronder vlinders en bijen. Het is ideaal als de stengels in het voorjaar op de grond vallen en weer opgaan in de grond in de natuur dan heb je ook de hele onnatuurlijke cyclus niet van; snoeien, groenbak, afvalverwerking en een kale grond die je vervolgens moet beschermen en voeden…

Nadat het nieuwe groen behoorlijk begon te groeien en de temperatuur opliep hebben we alle stengels zo klein mogelijk gemaakt en verspreid over de tuin. Nieuwe paden gemaakt met wat hooi en her en der wat nieuwe stekjes en zaadjes geplant. En er kwam hulp, want als je zo aan de praat raakt worden mensen enthousiast en er werd samen gras bestreden!

Hieronder een filmpje van een overwinteraar die hopelijk ooit nog in onze tuin gaat wonen!

20160411_120237

Klik hieronder voor het filmpje van het orangetipje:

Van de vlinderstichting

 

De wildpluktuin

Het ideaal , mijn ideaal, een landje wat je zelf onderhoud en waar je kruiden kunt zaaien, stekjes plant en alle inheemse soorten van de omgeving verzameld!

20150514_161048

Een pluktuin waar je uit kunt eten, waar vlinders en bijen zich voeden, waar leven is, wat groeit in alle opzichten. Mooi om naar te kijken en handig om in te plukken, bv. hondstong (foto hierboven) een prachtige plant die het ook doet op het landje met wat extra zand (van de Noorszeekust dat vindt zij het lekkerst). De bladeren kun je gebruiken om huidkompressen te maken. Maar ook rode klaver, korenbloemen, komkommerkruid, duizendblad, verschillende soorten munt, weegbree, slaapmutje, vlas, smeerwortel, valeriaan… te veel om op te noemen! Op een stuk grond van 1 hectare zou je volledig zelfvoorzienend kunnen leven, de “Anastasia droom”, planten zaaien zodat zij voor jou gezondheid kunnen zorgen, liefde van en voor de natuur, voeding in overvloed.

Tot die tijd doe ik het met mijn mini landje om alvast wat in te oefenen!

Wildpluktuin in den beginne

Die hectare van Anastasia is er nog niet maar dit is een mooi begin, om te oefenen en nog lang niet af!  In de wildpluktuin waar voorheen alleen hoog gras stond wordt nu de grond gelijk gemaakt! Van de afgegraven grond wordt een walletje gemaakt, mooi als afscheiding en wat zou je moeilijk doen met grond wegbrengen en verwerkten? Dat is alleen maar veel werk en belastend voor het milieu. Daarna hebben we een laagje aarde erbij gekregen en hebben we zo goed mogelijk de grond gelijk gemaakt.

Daarna hebben we op een mooie dag ingezaaid en stekjes geplant. Vrij laat in het jaar pas want we konden pas in juni beginnen. De eerste weken hebben we vooral veel water gegeven wat prima ging uit de naastgelegen stoot! Heerlijk als die dingen samenkomen!Daarna ging het vanzelf! Dit jaar is er al een mooi resultaat, voor het volgende jaar staan nog meer stekken en naast de wilde bramen ook frambozen, en bessenstruiken op het verlanglijstje.

20150617_121135 20150617_120927

20150703_133232 20150703_133216